Prachtig stilleven van Lou Loeber en haar man Dirk Koning. Het schilderij stamt uit 1928 en het stelt een Aronskelk voor (de titel Arum verwijst naar een geslacht van planten uit de aronskelkfamilie).

Loeber werd geboren in Amsterdam maar groeide op in het artistiek levendige Blaricum, als oudste dochter in een groot, welgesteld gezin (op landgoed Zonnenhoef) met veel aandacht voor kunst en muziek. Ze ging in Amsterdam naar de Rijksacademie, maar maakte de opleiding niet af omdat ze het onderwijs te conservatief vond. Weer terug in Blaricum ging ze schilderen in het atelier dat haar vader voor haar had laten bouwen in de tuin van het ouderlijk huis. Haar belangstelling ging uit naar het kubisme en De Stijl en ze voelde zich een geestverwant van Piet Mondriaan en (haar buurman) Bart van der Leck. In 1921 had ze haar eerste expositie. Ze vond haar socialistische kunstideologie bij de Sociaal-Democratische Arbeiders Partij (SDAP) en bij de Socialistische Kunstenaars Kring.

witte-aronskelk-zantedeschia-africana
Witte Aronskelk

Loeber schilderde, tekende en etste landschappen, stadsgezichten, mensen, stillevens en fabrieken. Ze vond dat haar kunst aantrekkelijk moest zijn voor ‘het volk’. Daarom vereenvoudigde ze haar voorstellingen door scherpe horizontale, verticale en schuine lijnen aan te brengen en de zo ontstane vlakken in te vullen met contrasterende kleuren. Ze wilde dat haar sterk geabstraheerde kunst voor een groot publiek bereikbaar en betaalbaar was en vermenigvuldigde haar werk om de prijs laag te houden. Zo zijn er van dit werk nog enkele vergelijkbare gemaakt door haar.

In 1927 leerde Lou Loeber de schilder en astroloog Dirk Koning kennen, die toen net in Blaricum was komen wonen. De twee hadden veel gemeen: ‘allebei progressief schilder, allebei pacifist, allebei socialist, bovendien allebei vegetariër en geheelonthouder’, aldus Loeber in haar ‘Herinneringen’. Het duurde echter enige tijd voordat Loeber ook Konings astrologische belangstelling kon waarderen.

Dessau (Duitsland) met het Bauhaus van Walther Gropius was, eveneens in 1927, Loebers volgende reisbestemming. Ze kreeg er een rondleiding van de architect zelf. Als bewonderaarster van de architectuuropvattingen van de Bauhaus-kring bezichtigde ze ook andere gebouwen die naar die principes waren ontworpen. Hun architectuur vond ze ‘rustgevend’. Pogingen om – op diezelfde reis – Berlijnse galeries te interesseren voor haar werk en dat van Koning mislukten echter. Ook deze reis resulteerde in een reeks schilderijen.

Lou Loeber en Dirk Koning trouwden in 1931 en bleven in Blaricum wonen, eerst in een eigen woning met een atelier in de tuin, vanaf 1934 in Loebers ouderlijk huis: Zonnenhoef was inmiddels in twee woningen gesplitst. Tijdens de oorlog hield het echtpaar zich bezig met de zorg voor onderduikers en de verpleging van Dirks oudste dochter uit een eerder huwelijk, die in 1945 stierf aan tuberculose. In haar na-oorlogse werk lijkt Loeber haar socialistische geloof (enigszins) verloren te hebben en verliet ze haar principe van eenvoudige, voor ‘het volk’ begrijpelijke vormen, vlakken en kleuren. In 1955 vestigden Loeber en Koning zich in een woning aan de Schoolstraat (nr. 15), eveneens in Blaricum.

In 1978 verhuisden de 84-jarige Loeber en haar man naar bejaardenhuis De Beukelaar (Blaricum), waar Dirk Koning in mei van dat jaar overleed. Twee jaar later publiceerde ze haar ‘Herinneringen’, een soort artistiek testament. Lou Loeber overleed op 2 februari 1983, op 88-jarige leeftijd.

Bijzonderheden: Dit werk werd in 2017 tentoongesteld bij de overzichtsexpositie in de Oude School in Kortenhoef. Het staat afgebeeld in de catalogus op pagina 46.

Het werk van Lou Loeber is opgenomen in de vaste collectie van o.a. het Rijksmuseum te Amsterdam, le Centre Pompidou in Parijs, Singer museum te Laren