Prachtig werk van de hand van Jaap Egmond (1913-1997).

Egmond rekent zich aanvankelijk tot de kleurlozen en geniet grote bekendheid om zijn prachtige witte (en RVS) reliëfs. Hoewel het werk van Egmond overeenkomsten vertoont met dat van Jan Schoonhoven, ligt er een volledig ander idee aan ten grondslag. Egmonds werken zijn gebaseerd op een strak, van te voren bepaald, wiskundig schema. Begin jaren ’80 komt hij terug op zijn eerdere opvatting en gaat alsnog kleur gebruiken. Niet zonder succes, want hij maakt vele intrigerende werken op papier, waar dit betreffende exemplaar een heel goed voorbeeld van is. Deze werken vormen de basis voor een aantal prestigieuze projecten in de openbare ruimte in Amstelveen, zoals een flatgebouw en station Marne, waar zijn kunst onderdeel is van de architectuur.

Het werk is afkomstig uit de collectie ‘Yellow Fellow’ en is rechtstreeks overgenomen uit het atelier van Jaap Egmond, na diens dood in 1997. Authenticiteit is derhalve gegarandeerd.

Degene van wie ik het werk kocht, schreef dit over Jaap Egmond: “Ik ken de werken van Jaap Egmond sinds een jaar of twintig en maakte er kennis mee in het jaar dat hij overleed. Meestal heb ik veel contact met een kunstenaar die deel uitmaakt van mijn collectie; het blijkt altijd interessant te zijn om meer van de beweegredenen om te schilderen of te beeldhouwen te leren kennen en dan heb je meer nodig dan de prachtige uitspraak van Kandinsky: “De innerlijke noodzaak”. Het komt er ook op neer om die innerlijke noodzaak letterlijk vorm te geven en niet iedere kunstenaar heeft de overtuiging dat wat hem geschonken is als talent overeenkomt met zijn ideeën hoe het zou moeten, in zijn eigen situatie.
Dat heb ik over Jaap Egmond geleerd en er hem om bewonderd. Dat hij zeker wilde zijn dat de vorm die hij voor zijn kunstenaarschap zou kiezen overeen zou komen met zijn intellectuele ambities. Daarin lijkt hij op grootheden zoals Kazimir Malevich en Seymour Boardman: Eerst willen ze uitzoeken hoe zij hun eigen ideeën/inspiratie het best kunnen vertalen in een vormgeving die daarbij past. Daar heeft Jaap Egmond meer dan dertig jaar over gedaan, nadat hij eerst in zijn academietijd bewezen had over een groot talent te beschikken voor figuratieve kunst, met bloemen, portretten en naakten. Zoals Picasso in zijn jeugd.

Egmond gebruikte die tijd om leerboeken over kunst te schrijven voor middelbare scholen, die even goed voor universiteiten geschikt hadden kunnen zijn. Een brede en diepgaande visie op de historie van de beeldende kunst, maar ook van alle moderne vormen daarvan. Na dertig jaar kwam hij tot de conclusie dat hij moest werken in de eigentijdse vormen van de geometrische abstractie en hij kwam tot zeer bepalende uitspraken:
“Ik kan niet uitleggen waarom ik verliefd ben op het vierkant en niet op de cirkel”.
Wel natuurlijk een enkele keer de cirkel als basis geprobeerd. Mooie uitzondering.
Ook vindt hij in het begin van zijn activiteit als beeldend kunstenaar dat kleur geen rol moet spelen in zijn oeuvre, maar komt daar later helemaal van terug als hij hele gebouwen versiert met zijn ontwerpen. Een flatgebouw, of het complete station Marne van de sneltram tussen Amsterdam en Amstelveen, zijn daar goede voorbeelden van.

Hij kiest voor een ambachtelijke kunst, gebaseerd op consequente puur mathematische constructies, waaruit de maten en verhoudingen voortvloeien. Hij heeft dus niets met de zero-groep die hun composities baseren op een intuïtief esthetisch gevoel. Hij maakt ook reeksen die juist in de volgorde interessant zijn. De werkwijze bij het maken van de kleinere werken lijkt oppervlakkig wel op die van de zero-groep. Alleen is het aantal werkwijzen bij Egmond groot: hij maakt witte composities met karton, maar ook in roestvrij staal. Vooral zijn reliëfs in staal zijn zeer bijzonder, ook qua afmetingen, net zoals zijn beeldhouwwerken.
Het totaal van de werken van Jaap Egmond is van een enorme veelzijdigheid. Als zijn periode van kunstenaarschap had kunnen beginnen op zijn twintigste in plaats van dertig jaar later was hij misschien wel één van de bekendste Nederlandse kunstenaars wereldwijd geworden. Nu is vooral het bekijken van zijn ontwerpboeken een extra aanvulling op wat wij zo graag van een kunstenaar te weten willen komen.